Tekst: Openbaring 21: 27
En in haar zal niet inkomen iets dat ontreinigt en gruwelijkheid doet en leugen spreekt; maar die geschreven zijn in het boek des levens des Lams.
Thema: De hemel
- De plaats zelf, de hemel, wordt genoemd;
- De aard van hen die daar zeker niet zullen komen;
- Wie daar juist wel zullen komen.
Liturgie
- Psalm 122: 1
- Psalm 81: 12
- Lezen: Openbaring 21: 1 – 27
- Psalm 16: 3, 5, 6
- Psalm 103: 10
- Psalm 139: 14
- Psalm 45: 7 (aan de uitgang extra collecte voor het bouwfonds)
Citaat
“O wat een heilige plaats moet dat zijn waar Jehova in het bijzonder Zijn tegenwoordigheid op zo’n heerlijke wijze openbaart! Stellig, daar ‘zal niet inkomen iets dat ontreinigt’. En wat een vreugdevolle plaats ook. ‘Verzadiging van vreugde is bij Uw aangezicht; liefelijkheden zijn in Uw rechterhand, eeuwiglijk’ (Ps. 16: 11) O wat een liefelijk en aantrekkelijk gezicht op de hemel! ‘Het huis Mijns Vaders’-het huis waarin Hij op heerlijke wijze woont, het huis waar zonde en smart nooit zullen inkomen en waar geen scheiding en dood meer zullen zijn. Waar God woont in de hoedanigheid van Vader en waar Zijn verloste gezin op zekere dag met Hem samengebracht zal worden.”
Uit: ‘Het binnenste heiligdom’ Charles Ross
Om na te lezen
Om over na te praten
- De preek begon met: “U hoopt allen naar de hemel te gaan.” De vraag is of je er gelukkig zult zijn, als: je hier op aarde zonder God leeft, de Heere Jezus geen gedaante nog heerlijkheid voor je heeft, als je hier op aarde de onreinheid en de zonde bemint. Wat zijn uw gedachten hierover?
- In de preek werd genoemd dat we geschikt moeten zijn voor de hemel. Wat wordt hiermee bedoeld? Kunnen we ons geschikt maken? Denk eens terug aan de HC 24 preek van vorige week?
- Omgekeerd kan een slordige levenswandel tot grote schade van het geloofsleven zijn.
Ds. W.L. Tukker zegt hiervan (in: Geloof en verwachting p. 129): “Het is toch maar zo, dat een leven in de dienst van de HEEREN een frisheid geeft, zelfs tot in de ouderdom. Het is toch maar zo, dat veel lezen en onderzoeken het geestelijke zielebezit merkelijk verrijkt. Het is toch maar zo, dat een innig gebedsleven een christen afhankelijker voor God en dan ook rijker gezegend maakt.” Overdenk bovenstaande eens. Herkent u/jij dit? - Denkt u/jij weleens na over het leven in de hemel? Zou dit nuttig kunnen zijn?
- Wat werd er gezegd van de plaats zelf, de hemel? Wat zegt Jesaja 25: 8 en 9 hierover?
- In het nieuwe Jeruzalem zal niet inkomen iets dat verontreinigt, en gruwelijkheid doet en leugen spreekt. Ds. R. van Kooten schrijft in zijn boek: (De dingen die met haast geschieden moeten), het volgende hierover: “Niets dat verontreinigt komt daar binnen. Wat een verschil met deze aarde. Er is zo veel dat de gezinnen en ook de kerk verontreinigt. Dat wordt daar nu nooit meer gevonden.” Overdenk bovengenoemd citaat van Ds. Charles Ross eens.
- In de tekst werd genoemd: “iets dat verontreinigt, gruwelijkheid doet en leugen spreekt.” Wat betekent dit concreet? Betrek hier Spreuken 15: 8 (zondigen in de dienst van de Heeren) Jesaja 44: 9 (afgoderij, waar we ons hart op zetten) Ezechiël 33: 26 (seksuele zonden) Psalm 5: 7 (omgang met de naasten)
- Er werd gesproken in de preek van twee soorten mensen. Hoe hebben we daarnaar geluisterd?
- De catechismus zegt: “Nademaal ik nu de beginselen van de eeuwige vreugde in mijn hart voel, ik hiernamaals eeuwige vreugde hebben zal.” Herkent u dat? Ds. C. Harinck zegt in een preek over de hemel het volgende: “Je zult er komen, als je er kunt zijn. Je komt er wanneer alles wat in de hemel is, namelijk: God en Christus, het gezelschap van Gods kinderen, een leven zonder zonde, het grootste verlangen van je hart is geworden.” Mag dit voor u/jou een bemoediging zijn op uw/jouw pelgrimsweg?
Voor de jeugd
- Jongeren, denken jullie wel eens aan de hemel, waar hopelijk jouw oma of opa is heen gegaan bij het sterven? Waar de Heere Jezus is heen gegaan toen Hij de aarde verliet? Hoop je daar ook te komen? En waarom?
- Als jullie, jongens en meisjes, afgelopen zomervakantie met de auto weg zijn geweest, hebben jullie vast veel verkeersborden gezien met allerlei plaatsnamen. De borden langs de snelweg zijn duidelijk: voor de genoemde bestemming, volg de pijl. Dat is de goede weg. Is jouw bestemming de hemel, dan wijzen de pijlen van de Bijbel je de weg van bekering, geloof en heiligheid. Dit is de weg naar de eeuwige rust, vrede en bevrijding van zorgen. Ons aardse leven kan ons dan zorg en moeite brengen (ook in je jonge leven), maar zelfs de minste plaats in dit rijk van God is dit beetje pijn, een beetje moeite, een beetje inspanning waard. Denk thuis eens na over de kernwoorden: Bekering, geloof en heiligheid.
- Denk eens na over wat de hemel nu zo’n gelukkige plaats maakt. Is dat omdat er geen zorgen of verdriet meer zijn? Of omdat Iemand in het middelpunt staat zonder Wie je niet kunt leven?
- In de preek werd genoemd dat je het geluk op aarde kunt zoeken bijvoorbeeld in een mooie opleiding, veel geld, gezondheid, je uiterlijk, massa’s vrienden (offline/online). Toch stelt dit uiteindelijk teleur, je vindt er geen rust in. Leg hier de rust eens naast uit Hebreeën 4.
- Als morgen op school gevraagd zou worden door een klasgenootje waar de preek over ging, wat zou je dan zeggen? Wat neem je mee de week in?