Zondag 2 juni 2024, morgendienst – Leesdienst

Tekst: Psalm 68: 32

Prinselijke gezanten zullen komen uit Egypte; Morenland zal zich haasten zijn handen tot God uit te strekken.

Thema: De uitbreiding van het rijk van Sions Koning

  1. Egypte buigt zich voor deze Koning
  2. Morenland haast zich naar deze Koning

Liturgie

  • Psalm 22: 14
  • Psalm 145: 7
  • Lezen: Psalm 68: 16 – 36
  • Psalm 68: 9, 14, 15
  • Psalm 87: 2, 3
  • Psalm 68: 16 (aan de uitgang extra collecte voor het bouwfonds)

Citaat

‘Haast. Dat woord kennen we wel in deze tijd. Gauw even dit, gauw even dat. Hebt u ook zo’n haast? De wereld heeft haast, ze jaagt naar het verderf. En de duivel heeft ook haast, want zijn tijd is kort. Maar de Heere heeft ook haast. Hij roept ons toe: Haast u om uws levens wil.
Is er iemand die óók haast heeft om bij Hem te komen? Dan kan het niet lang meer duren. Want de Heere heeft veel meer haast dan wij. Een bereidwillige Zaligmaker en een gewillige zondaar zullen niet lang gescheiden blijven.
Haast u, om uw handen naar Hem uit te strekken.
Ja maar, zegt iemand, mijn hand is lam. De Heere zegt: strek uw hand uit. Het ongeloof zegt: dat kan ik immers niet? Maar het geloof zegt: U bent toch de Machtige?
Ja maar, zegt een ander, mijn hand is vuil. Zou u willen wachten tot u schone handen hebt? Dan zult u lang moeten wachten. Nooit zuilen ze schoon worden, wanneer we ze niet uitstrekken naar Hem om gewassen te worden.
Ik, zegt een ander, heb alleen maar lege handen, niets om de Heere aan te bieden. Wel, u kunt nooit beter komen dan met lege handen. Want armen heeft Hij met goederen vervuld, maar rijken heeft Hij ledig weggezonden.’
Ds. W. van Gorsel, Gereformeerd Weekblad (4/11/1977).

‘Hoewel de volkenprofetieën sterk gedomineerd worden door het thema van oordeel en ondergang, zijn er toch ook tekenen van hoop: niet alleen voor Israël, maar verrassend genoeg ook voor de volken.’
Prof. dr. H.G.L. Peels, Storm over de wereld (2023), 95.

Leestips

  • Volkenprofetieën:
    • Egypte: Jes. 19, Jer. 46, Ez. 29 – 32.
    • Morenland: Jes. 18, Ez. 30: 4 – 9
  • Jes. 24: 16; 43: 3, Nah. 3: 9
  • Psalm 87
  • Hand. 8

Vragen voor de kinderen

  1. Mag jij een onderdaan zijn van Sions Koning?
  2. Waar ken jij Egypte van? Weet je Bijbelverhalen waarin Egypte voorkomt?
  3. Ben jij eigenlijk een vijand van de Heere?
  4. Waarom kwam ds. Kuijt naar ónze vallei, vroeg een predikant in Papoea. – Waarom komt ds. IJsselstein naar onze gemeente, zou je ook kunnen vragen. Weet jij het?
  5. Weet jij landen waar zending vanuit onze kerken bedreven wordt? Zoek die landen eens op, bijvoorbeeld op een landkaart. Hoe ver is dat bij ons vandaan?
  6. Je hebt vast wel eens een foto gezien van kinderen uit Afrika, in de Paulus bijvoorbeeld. Zou het kunnen dat zo’n kind een nieuw hart heeft en jij niet?

Gespreksvragen

  1. Hoe volgt Psalm 68 de lijn van de heilsfeiten? (Pasen, Hemelvaart, Pinksteren).
  2. Was het vanzelfsprekend, dat Egypte en Morenland genoemd worden als volken die tot de Heere komen?
  3. Herkent u, dat het steeds weer opnieuw nodig is om getrokken tot God te worden?
  4. Wat zou het te betekenen hebben, dat er allerlei volkenprofetieën in de Bijbel staan, zoals in Jesaja 18 en 19 over Morenland en Egypte?
  5. Herkent u zich in de beschrijvingen van Egypte en Morenland? Vijandig, trots, hoogmoedig, onaantastbaar, keurig aan de buitenkant, maar ver van God?
  6. Wat betekent het, om de handen uit te strekken?
  7. Welke Bijbelse voorbeelden van Moren die zich naar Sions Koning haasten, kennen we?
  8. Welke plek heeft het zendingswerk in onze huizen, harten en gebeden?