Zondag 19 mei 2024, morgendienst – Leesdienst – Eerste Pinksterdag

Tekst: Handelingen 2: 21

En het zal zijn dat een ieder die de Naam des Heeren zal aanroepen, zalig zal worden.

Thema: Het pinksterwoord van behoud in zware tijden

  1. De breedte van dit pinksterwoord
  2. De engte van dit pinksterwoord
  3. De diepte van dit pinksterwoord

Liturgie

  • Psalm 69: 13, 14
  • Psalm 87: 4
  • Lezen: Handelingen 2: 1 – 21
  • Psalm 98: 2, 3, 4
  • Psalm 3: 2
  • Psalm 143: 10 (aan de uitgang extra collecte voor de zending)

Citaat

Dorstige zondaar, dit wil Jezus voor u doen: „Ik wil water gieten op de dorstigen.”
Geloof dat Hij gewillig en daartoe in staat is, en het zal geschieden. Leer dat het van Zijn hand moet komen. Tevergeefs wendt u zich tot andere geneesheren; u zult niets beter, maar veeleer erger worden. Wacht op Hem; kniel voor Hem neder, aanbid Hem, en roep: „Heere, help mij!”

O, verlangt naar die tijd van de vernieuwing, opdat vermoeide zielen tot rust komen. Als wij op de alledaagse weg voortgaan, zullen beladen zielen vergaan en geen troost ontvangen. Sta op en worstel met God, opdat ook Hij moge opstaan en Zijn Woord vervullen: „Ik zal water gieten op de dorstigen.”

Ach! zo zou het met u zijn, lieve Christenen, als er een stroomtijd van de Geest was, een dag van Pinksteren. Dan zou er minder bezorgdheid zijn om uw zaak en uw dagelijks werk, maar

meer liefde van het gebed en lofzangen. Er zou meer verandering zijn in uw hart; overwinning van de wereld, van de duivel en van het vlees. En u zou toenemen in liefelijke onderwerping, nederigheid, zachtmoedigheid.

„Deze zal zeggen: Ik ben des Heeren.” O, er is geen grotere vreugde dan als een gelovige ziel zich geheel aan God geeft. Dit is altijd het geval geweest in tijden van verlevendiging. Zo was het op Pinksterfeest. Allereerst gaven zij zich geheel over aan de Heere.
Ds. Robert Murray McCheyne, preek vanuit Jesaja 44: 3, 4, Dundee St. Pieterskerk, 1 juli 1838

Leestips

  • Joël 2: 32 (27 -32) – “En het zal geschieden, al wie den Naam des HEEREN zal aanroepen, zal behouden worden.”
  • Rom. 10: 13 – “Want een iegelijk die den Naam des Heeren zal aanroepen, zal zalig worden.”
  • NGB art. 24 – Werking van de Heilige Geest
  • Lukas 11: 13 – “Indien dan gij, die boos (zondig) zijt, weet uw kinderen goede gaven te geven, hoeveel te meer zal de hemelse Vader den Heiligen Geest geven degenen die Hem bidden!”
  • Markus 16: 15 – “Gaat heen in de gehele wereld, predikt het Evangelie aan alle creaturen.”

Vragen voor kinderen en jongeren

  1. Waar denk je aan bij Pinksteren?
  2. Waarom vierden de Joden het pinksterfeest?
  3. Welke twee wondertekenen gebeurden er opeens, terwijl de apostelen bijeen waren?
  4. Waaraan was het duidelijk te merken dat de apostelen de Heilige Geest hadden ontvangen?
  5. Uit welke landen en gebieden waren de Joden gekomen om het Pinksterfeest te vieren?
  6. Waarom is het zo bijzonder dat juist Petrus de spreker namens alle apostelen mocht zijn?
  7. Waardoor werden veel Joden die stonden te luisteren, zo verdrietig en radeloos?
  8. Wat moesten zij doen om van hun schuld aan de dood van de Heere Jezus bevrijd te worden?
  9. Hoeveel mensen werden die dag gedoopt?

Gespreksvragen

  1. Lees Handelingen 2: 14 – 40. Welke Schriftplaatsen haalt Petrus aan in zijn toespraak en waarom?
  2. Welke 2 verschillende reacties zien we op de prediking van de discipelen?
  3. Welk middel gebruikt satan om de apostelen tegen te werken?
  4. God stort Zijn Geest uit op alle vlees. Met Pinksteren gaan Oudtestamentische beloften in vervulling. Welke?
  5. De muur die Jood en heiden scheidde, wordt met Pinksteren doorbroken. Lees en mediteer over Efeze 2: 1 – 14.
  6. Wat doet het zendingsbevel in Markus 16: 15 (“Gaat heen in de gehele wereld, predikt het Evangelie aan alle creaturen”) u en jou?
  7. Overdenk deze zin uit de preek: “Er is in het bloed van Christus oneindig meer kracht tot behoud, dan in de zonde tot verdoemenis.”
  8. Lees de kerntekst nog eens: “En het zal zijn dat een ieder die de Naam des Heeren zal aanroepen, zalig zal worden.” Welke troost ligt in deze woorden voor u?
  9. Overdenk het citaat van Robert Murray McCheyne. Wat heeft het u te zeggen? Welke lessen liggen er in voor komende week?